Klinken digitale versterkers niet hard of “digitaal”?

Inleiding

“Digitale versterkers klinken hard”, “ze missen warmte”, of “ze zijn technisch maar niet muzikaal”. Het zijn uitspraken die we nog af en toe horen, zeker bij muziekliefhebbers die opgegroeid zijn met klassieke, analoge versterkers (zoals ik 😉).

Maar kloppen die vooroordelen vandaag nog?

Het korte antwoord: nee, dat is een mythe geworden. Het langere antwoord lees je hieronder.

 

Wanneer spreken we over een digitale versterker?

De term digitale versterker wordt vaak gebruikt, maar ook vaak verkeerd begrepen. Veel versterkers die vandaag als “digitaal” verkocht worden, zijn dat eigenlijk niet volledig.

Een volledig digitale versterker verwerkt het muzieksignaal van begin tot einde in het digitale domein, tot vlak vóór het signaal naar de luidsprekers gaat. Er is dus geen klassieke, analoge versterkingstrap meer nodig zoals bij traditionele versterkers.

Dat is iets anders dan:

  • Een analoge versterker met digitale ingangen: achter die ingangen zit een digitaal-analoog-convertor of DAC, maar het inkomende digitale signaal wordt dus analoog gemaakt en analoog versterkt).
  • Een klasse D-versterker, die wel efficiënt werkt, maar intern nog analoge stappen bevat of zelfs volledig analoog kan werken: klasse “D” staat dus niet voor “digitaal”, maar is gewoon de versterkertechniek die na de klasse A, B en C kwam… en er volgden nog diverse versterkerklassen met letters E en volgende.

Echt volledig digitale versterkers zijn zeldzamer — maar net daar ligt hun grote kracht.
Een volledig digitale versterker zal eventuele inkomende analoge signalen omzetten naar digitaal (met een analoog-digitaal-convertor of ADC). En alle digitale signalen (doorgaans PCM, soms DSD, twee digitale coderingen waar we hier niet dieper op in gaan) worden op hun beurt omgezet (nog steeds digitaal) naar PWM. PWM wordt hierna uiteengezet.

 

Hoe werkt een digitale versterker?

Zonder te diep in de techniek te duiken, leggen we het principe graag eenvoudig uit.

Van muziek naar pulsen (PWM)

Digitale versterkers maken gebruik van PWM (Pulse Width Modulation). Dat klinkt ingewikkeld, maar het idee is verrassend logisch.

In plaats van een continu analoog signaal (zoals bij klassieke versterkers), wordt het muzieksignaal omgezet in een zeer snelle reeks pulsen:

  • Hoe breder de puls (hoe langer hij duurt), hoe luider het signaal, hoe smaller de puls, hoe zachter
  • Hoe sneller de pulsen opeenvolgen, hoe hoger het geluid, hoe trager, hoe lager

Deze pulsen schakelen razendsnel aan en uit — vele honderdduizenden keren per seconde — veel sneller dan ons gehoor kan waarnemen.

Van pulsen naar muziek in de luidspreker

De luidspreker “ziet” die pulsen niet als digitale blokjes, maar zet ze dankzij een eenvoudig uitgangsfilter om in een vloeiende beweging van de luidsprekerconus. En die beweging is uiteindelijk wat wij horen als muziek.

Belangrijk hierbij:

  • Er is geen klassieke analoge versterkingsketen
  • Het signaal blijft extreem zuiver en gecontroleerd
  • Vervorming en ruis krijgen nauwelijks kans

 

Hoe verhoudt de geluidskwaliteit zich: digitaal versus analoog?

Hier komen we bij de kern van het misverstand.

Het oude beeld

Vroegere digitale versterkers (en vooral goedkope implementaties) konden inderdaad:

  • Scherp klinken
  • Minder verfijning tonen
  • Een “technisch” karakter hebben

Dat imago is blijven hangen.

De realiteit vandaag

De waarheid is dat digitale versterkers al vele jaren kunnen wedijveren met — en soms zelfs beter presteren dan — de beste analoge versterkers.

Moderne digitale versterkers bieden:

  • Extreem lage vervorming
  • Perfecte kanaalscheiding
  • Ongekende controle over luidsprekers
  • Zeer stille achtergrond (“zwartheid” tussen de noten)

Wat veel luisteraars ervaren als “hard” of “digitaal”, is in werkelijkheid vaak:

  • Neutraliteit (=ontbreken van kleuring, die men gewend was)
  • Hogere natuurgetrouwheid en mate van detail

Met andere woorden: heel goeie digitale versterkers voegen niets toe, maar nemen ook niets weg.

Klinkt een digitale versterker dan niet klinisch of emotieloos?

Een terechte vraag. Echter zit emotie niet in een analoge of digitale techniek, maar wel in de eigenschappen van een versterker die leiden tot:

  • Correcte timing en fasegedrag
  • Dynamiek (“attack”)
  • Microdetail (afwezigheid van verdoezeling van detail)
  • Rust in de weergave (stilte, “lucht” of “zwartheid” tussen de noten)

Net daar blinken goede digitale versterkers in uit. Ze laten muziek ademen, zonder spanning of vermoeidheid. Wie langer luistert, merkt vaak dat digitale versterking juist meer rust en natuurlijkheid brengt dan verwacht.

 

Lyngdorf: de Deense pionier en koploper in volledig digitale versterkers

Als er één naam onlosmakelijk verbonden is met volledig digitale versterking, dan is het Lyngdorf Audio.

Wat maakt Lyngdorf uniek?

Lyngdorf was één van de allereerste fabrikanten die het aandurfde om versterkers volledig digitaal te ontwerpen — niet als marketingtruc, maar vanuit een fundamentele visie op geluidskwaliteit.

Lyngdorf-versterkers werken van ingang tot uitgang volledig digitaal (ze vermijden elke onnodige conversie). En ze zijn extreem efficiënt én stabiel.

Hoe klinken Lyngdorf-versterkers?

Een veelgehoorde reactie tijdens luistersessies is:

“Zo heb ik mijn muziek nog nooit gehoord.”

Niet omdat het spectaculair of overdreven klinkt, maar juist omdat het:

  • Bijzonder neutraal is
  • Alle detail onthult
  • Perfect in balans blijft, ook bij lage volumes

Lyngdorf-versterkers kleuren niet, verdoezelen niets en forceren geen karakter. Ze laten simpelweg horen wat er écht in de opname zit — en dat is voor veel muziekliefhebbers een openbaring.

Lees hier over hun unieke versterkertechnologie. 

NB: doordat Lyngdorf-versterkers volledig digitaal werken, kan hun “RoomPerfect®” (zelf ontwikkelde digitale signaalprocessing – kortweg DSP – voor bv. akoestiekcorrectie) het signaal bijsturen zonder het eerst te moeten converteren. Analoge versterkers met een DSP, moeten het analoge signaal eerst digitaal maken, dan bijstellen en dan weer analoog maken. Dat is twee keer potentiële introductie van fouten.

 

Conclusie

Het idee dat digitale versterkers hard of “digitaal” klinken, is vandaag simpelweg achterhaald.

  • Ze zijn al lang volwassen
  • Ze zijn zeer muzikaal
  • Ze kunnen wedijveren met het allerbeste analoge design
  • En merken zoals Lyngdorf tonen al jaren hoe subliem het wel kan zijn

De enige echte manier om dit te beoordelen? Luisteren. Zonder vooroordelen. Want uiteindelijk beslist niet de techniek, maar je oren.

Wil je het zelf ervaren? Contacteer me dan voor een demo of schrijf je in op een demonstratienamiddag rond het merk Lyngdorf.

Lyngdorf TDAI2210